Nieuwe tekst plaatsen Nieuw document uploaden Deeplink naar document

Beschikbaarstellen processtukken aan media door advocaat

Raad van Discipline Amsterdam, 29 juni 2009, gepubliceerd in advocatenblad nr 2010,7, datum uitgave 28 mei 2010, p. 250 e.v.

Dekenbezwaar: mr. X. heeft in strijd met artikel 46 Advocatenwet gehandeld door processtujkken uit een door hem behandeld strafdossier aan de redacte van een televisieprogramma te verstrekken.

Uitspraak: bezwaar ongegrond.

RvD:
Gezien de ernst van de aan de ernst van de aan de client van mr. X ten laste gelegde feiten en de daaraan in de media bestede aandacht, oordeelt de raad dat de client van mr. X inderdaad een in rechte te respecteren belang had bij het berschikbaar stellen van de geluidsbanden en de verbatim uitwerkingen daarvan aan de redacte van het televisieprogramma.
Ten aanzien van het opsporingsbelang dat mr. X in beginsel bij zijn afweging omtrent het overhandigen diende te betrekken, overweegt de raad dat dit in de onderhavige zaak - waarin vrijspraak was gevorderd en uitgesproken - geen rol van betekenis meer speelde.
Ten aanzien van de gerechtvaardigde belangen van derden oordeelt de raad dat mr. x deze belangen in voldoende mate bij zijn afweging heeft betrokken. Mr. X heeft aangevoerd dat hij de geluidsbanden uitsluitend ter controle op de juistheid van de verbatim uitwerkingen aan de redactie heeft overhandigd.
(..)
Het voorgaande overziend, oordeelt de raad dat er sprake is van een rechtvaardigingsgrond voor de overtreding van Gedragsregel 10 lid 2 nu mr. X onverminderd zijn eigen verantwoordelijkheid heeft gehandeld met instemming van zijn client en diens belangen rechtvaardigen dat de geluidsbanden en de verbatim verslagen aan de redactie van het televisieprogramma werden overhandigd. Daarbij heeft mr. X de gerechtvaardigde belangen van  derden voldoende ontzien.

Geplaatst op 11-06-2010, door mr. J.J. van 't Hoff, De Lange c.s. Advocaten

Snelle links

Deze website

  • Toevoegen aan favorieten

Advocatenstart